Yves T'Sjoen, een Vlaamse professor in de letterkunde, stelde een jaar of vijf geleden dat er twee soorten dichters bestaan: 'believers', 'dichters die denken hun gevoelens, de gebeurtenissen, hun ervaringen probleemloos en direct in taal te kunnen omzetten.'
De 'nonbelievers', daarentegen, 'gaan in hun schriftuur op zoek naar wat zich buiten de rationele kaders bevindt: het onverstaanbare, het onzegbare. Tegenover de eenduidigheid plaatsen zij de meerduidigheid, tegenover het statische de dynamiek, tegenover de orde het vrije spel van organische woekering.'
Ingmar Heytze in de Volkskrant van 21 januari 2012
De schrijver is per definitie indiscreet. Hij is de verrader, de onthuller, de ontdekker. Hij is de vijand van het stilzwijgend verbond, van het duistere familiegeheim, van de mysterieuze samenzwering, van de groep, van de club, het genootschap. Schaamtevol, omzichtig, discreet, introvert en innemend in de omgang, zodra de schrijver de pen oppakt, is hij een judas
Connie Palmen
De boeken worden op een houten karretje geladen, dat is voorzien van vier wieltjes, grofweg zo'n vijftig tot honderd boeken voor iedere terugplaatsing, en terwijl je je karretje tussen de doohofachtige rekken door stuurt ben je alleen, altijd en eeuwigdurend alleen, aangezien de rekken behalve voor bibliotheekpersoneel voor niemand toegankelijk zijn, en een van je collega's die de balie vóór het boekenliftje bemant, de enige is die je er ooit zult zien. Alle verdiepingen zijn eender: een immense raamloze ruimte gevuld met lange rijen hoog oprijzende metalen rekken, stuk voor stuk volgepropt met boeken, duizenden boeken, tienduizenden boeken, honderduizenden boeken, een miljoen boeken, en op sommige momenten word zelf jij, die als geen ander van boeken houdt, beduusd, nerveus, misselijk zelfs, als je bedenkt hoeveel miljarden woorden, hoeveel biljoenen woorden die boeken bevatten. Je bent elke dag urenlang afgezonderd van de wereld, woont in wat je bent gaan zien als een zeepbel zonder lucht, al moet er wel lucht zijn want je haalt adem, maar het is dode lucht, lucht die eeuwenlang niet heeft bewogen, en in die verstikkende omgeving voel je je vaak suf, gereduceerd tot een soort halfbewustzijn, en moet je vechten tegen de aandrang om op de grond te gaan liggen en in slaap te vallen.
Paul Auster uit de roman Onzichtbaar
Doe door niets te doen.
Grijp in door op te geven.
Proef wat geen smaak heeft.
Zie het kleine als groot, wat weinig is als veel.
Beantwoord haat met innerlijke kracht.
Bereid voor op het moeilijke zolang alles nog makkelijk is.
Doe iets groots terwijl alles nog klein is.
Want de moeilijkste dingen in de wereld komen uit wat eens eenvoudig was;
de grootste kwesties uit wat aanvankelijk klein was.
Daarom streeft de Wijze nooit naar het grote:
zo is hij in staat het grote te verwezenlijken.
Zij die lichtvaardig iets beloven schieten ongetwijfeld tekort in geloofwaardigheid.
Zij die de zaken te makkelijk achten zullen zeker veel moeilijkheden ondervinden.
Daarom beschouwt de Wijze ze als moeilijk:
zo heeft hij nooit moeilijkheden.
Uit Lao Zi, het boek van de Tao, vertaald door Kristofer Schipper. Deze tekst dateert van 604 v.Chr.
Volmaakt gelukkig zijn is ook niet alles. Legt u eens uit?
'Mensen die zichzelf een tien geven voor geluk, maken hun opleiding minder vaak af, hebben meer relatieproblemen en maken minder vaak promotie. Omdat ze het geweldig met zichzelf hebben getroffen en nergens obstakels zien, maken ze een slechte beoordeling van hun mogelijkheden en krijgen ze uiteindelijk minder voor elkaar.'
Vraag en antwoord uit interview van Malou van Hintum met Ad Bergsma in de Volkskrant, 7 mei 2011
Vlak na de verkiezingen van 9 juni interviewden Margalith Kleijwegt en ik Pieter Winsemius, die als lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid bezig is met een studie naar de klachten van de burger over 'de oude politiek'. Hij onderscheidde drie categorieën ontevreden Nederlanders. Als eerste de lager opgeleiden in de steden die zich klem voelen zitten tussen 'een kosmopolitische elite die op hen neerkijkt' en 'de migranten die naar hun idee te veel aandacht krijgen' en daarom op de PVV stemmen. Daarnaast 'pragmatici' die op het eerste gezicht in welvaart baden, maar 'hun belangstelling voor de traditionele politiek hebben verloren'. Er was nog een derde groep gefrustreerden waarop Winsemius de aandacht wilde vestigen: 'Volgzame burgers, een tikkeltje ouder, vaak woonachtig op het platteland, die vroeger meestal op het CDA stemden: 'Maar dat is niet vanzelfsprekend meer. De oud-minister van VROM: 'Ze zijn van nature gezagsgetrouw maar kunnen het tempo van de modernisering niet meer bijhouden. De ontwikkelingen in de wereld gaan hun te snel'.
Max van Weezel in Vrij Nederland van 19 februari 2011.


Powered by Maakum Websites